Aarde en de drie kwaliteiten
Er zijn drie Aardetekens: Stier, Maagd en Steenbok.
Voor al deze tekens geldt dat ze stabiel zijn en beschikbare bronnen gebruiken om
praktische doelen te bereiken. Goede fysieke weerstand, zelfdiscipline. Sterke binding met de natuur.
De vaste tekens zijn de vasthouders en doorbijters. Jagen de hoofdtekens de ene droom na de andere na, de vaste tekens schieten te hulp en maken een werkbaar product van het ruwe materiaal. Ze zijn stabiel, zeer loyaal, nemen geen lichtvaardige besluiten. Maar wanneer ze
eenmaal iets besluiten, dan houden ze zich er ook aan. Hoe verschillend deze tekens ook zijn,
doelgerichtheid en uithoudingsvermogen bezitten ze allevier.
Voor Stieren geldt dat ze hun energie richten op het verwerven van stabiliteit; ze doen dat rustig
en bedaard en met bewonderenswaardige vasthoudendheid.
De beweeglijke tekens zijn de kameleons van de dierenriem. Zich aanpassen aan de
omstandigheden is hun tweede natuur. Vaste tekens haten verandering, beweeglijke tekens
vinden verandering positief. Als hoofdtekens genoeg hebben van een klus, maken de beweeglijke
tekens nieuwe interesse wakker. Vindingrijk en flexibel.
Voor Maagden geldt dat ze exact willen weten hoe de wereld in elkaar zit om zich nuttiger te
maken.
De hoofdtekens zijn de initiatiefnemers van de dierenriem. Met Ram begint de lente, met Kreeft
de zomer, met Weegschaal de herfst en met Steenbok de winter, vandaar deze karakteristiek.
Hoofdtekens zijn echte pioniers, die op hun best zijn als ze nieuwe gebieden kunnen “veroveren”.
Voor Steenbokken geldt dat ze degelijke fundamenten willen leggen voor het leveren van
prestaties in de wereld (en het verdienen van goed geld).
© Fokkelien von Meyenfeldt
1995-2009
|